betekenisvol leren

betekenisvol leren
de echte werkelijkheid in de school

vrijdag 2 september 2011

week 3 in groep 3


Van verschillende kanten hoor ik dat ze mijn verhaal van de eerste 2 schoolweken gelezen hebben.
Natuurlijk vind ik dat harstikke leuk (k schrijf tenslotte niet alleen voor mezelf). Aan de andere kant voel ik ineens wel wat druk.... vandaar dit bord "werk in uitvoering". Hiermee wil ik aangeven dat ik nog steeds in een leerproces zit. Waarbij ik elke keer weer nieuwe dingen ontdek of uit probeer. Maar waar dus ook wel eens wat fout kan gaan of dingen vergeet te doen. Door mijn activiteiten in groep 3 te beschrijven ben ik wel veel bewuster bezig. Overdenk ik veel meer wat ik ga doen en wat ik heb gedaan. Hiermee krijg ik de fasen binnen een thema en het gebruik van de 5 impulsen veel helderder.
In dit leerproces sta ik ook open voor tips. Geef ze door, deel ze met me. Daar ben ik blij mee.

Stond week 1 en 2 met name in het teken van de startactiviteiten (fase 1) en de eerste impuls (gezamenlijke orientatie) , in week 3 zie je een verschuiving naar fase 2 en de 2e impuls structureren en verdiepen. Het inrichten van de hokken in de dierentuin is in volle gang. de kinderen zijn super enthousiast en maken geweldig mooie hokken voor de dieren.

Naar aanleiding van de eigen ervaringen hebben we met de kinderen een woordweb gemaakt met de vraag "wat weten we al"
Heel leuk was dat een leerling een dvd van Willem Wever (de leukste vragen over dieren en de natuur) had meegenomen. Die dvd sloot goed aan bij onze volgende activiteit "wat wil je weten"
Zeker in het begin van groep 3 is het voor kinderen niet makkelijk een vraag te formuleren. Nu konden ze een paar voorbeelden zien. Het formuleren van vragen is een nieuwe strategie en die konden we nu concreet laten zien. We gingen er ook op letten met welke woorden je een vraag begint: bv hoe of waarom. daarna gingen de kinderen in tweetallen overleggen of ze een vraag konden bedenken over iets wat je wil weten van een dier. Zowel mijn collega Jeanine als ik hebben die activiteit uitgevoerd.
Het resultaat is een heuse vragen wand. zie foto. De kinderen hebben enthousiast ook al veel boeken meegenomen. Die kunnen we vast goed gebruiken om antwoorden op onze vragen te vinden.




Als vaste activiteit in het lees/schrijfuur is "tekst van de week" (zie hiervoor ook bericht "tekst van de week")opgenomen. Ook al is het leesproces nog maar heel kort opgestart, toch willen we al meteen met deze activiteit beginnen. In de afgelopen weken hebben we al verschillende woorden aangeboden zoals de aap, loop, eet, tak, koop, jip, het dier, een vis. De tekst van de week biedt mogelijkheden om de woordenschat uit te breiden. Het biedt ook de mogelijkheid aan kinderen die al meer kunnen op hun eigen niveau aan het schrijven te gaan.
Als onderwerp voor de tekst van de week gebruik ik het prentenboek "de mooiste vis van de zee".
digitaal lees ik het prentenboek voor. In tweetallen denken de kinderen na over woorden die goed bij het verhaal passen. De woorden worden nu nog niet door de kinderen opgeschreven, in een later stadium gaan we dat wel doen. Nu worden de woorden in een woordweb op het bord geschreven.
Ook bespreken we welke zin je bij het prentenboek kan maken. Een voorbeeld zin komt ook op het bord. Dan gaan de kinderen zelf aan de slag. Het is leuk om te zien hoe kinderen al zelf met de letterkennis die ze hebben nieuwe woorden gaan opschrijven. In een kleine kring begeleiden we tijdens het schrijven 2 leerlingen. Zwakke leerlingen kunnen we zo weer op verhaal brengen en helpen een zin te formuleren. Omdat we het woord vis al aangeboden hadden kunnen deze kinderen een zin laten starten met "de vis ......eet, zwemt, deelt"(woorden die ook in het woordweb stonden)  Het is zo super om te zien hoe enthousiast kinderen aan het schrijven zijn en welke zinnen ze al kunnen maken. De tekst die geschreven is wordt ook later in de week gereviseerd.
Dat doen we nu nog klassikaal omdat het een nieuwe strategie is. Met elkaar bespreken we de tekst van 1 leerling. We letten nu vooral op 2 dingen: 1. staan de woorden los, want anders kun je later de tekst moeilijk teruglezen.                                         2. is de zin klaar zet je een punt.
De tekst van de week hangt in een lijst aan de muur.

Tot slot hebben we het er met elkaar over gehad wat er nog meer aan onze dierentuin moet gebeuren. Kinderen gaven aan dat er nog naambordjes bij de hokken moeten komen, nog wegwijzers en een spuit. Daarop inhakend kwam naar voren dat er ook een dokter in de dierentuin is (nav het voorleesboek Lotje in de dierentuin). Alles is genoteerd en hangt op. Met de dokter in de dierentuin te halen kunnen we de activiteiten in de dierentuin later goed verbreden en nieuwe handelingsmogelijkheden toevoegen. (impuls 3 en 4).

Komende week gaan we ons verder orienteren mbt de dierentuin door met elkaar een dag naar blijdorp te gaan. En wie weet vinden we ook nog antwoorden op vragen die we hebben bedacht over wat we nog willen weten.


Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen